Hoeveel woorden hebben we nodig om ons verhaal te kunnen vertellen? Om te vertellen wie we zijn.
We schrijven onze levensgeschiedenissen in dagboeken en memoires, we praten erover met vrienden en met coaches en therapeuten. Indrukwekkende geschiedenissen worden bewaard in dossiers. En uit ronkende cv’s moeten onze identiteit, onze capaciteiten, onze achtergrond en onze drijfveren duidelijk worden.
Allemaal om woorden te geven aan Wie-Wij-Zijn.
Over de man die niet meer kan vertellen wie hij is…
En dan is er een man in Amsterdam die zijn hele bestaan uitdrukt in twee woorden.
’Nonsense’. ‘Definitely’.
Nee en ja.
Niet waar en Waar.
Zijn hele leven, zijn jeugd, zijn herinneringen, zijn geboorteland worden samengeperst tot de twee pijlers waarop zijn verhaal moet rusten.
Nonsense. Definitely.
Hij kan niet zeggen wie hij is, maar hij kan nog wel bevestigen, of ontkennen, dát hij is, dat hij bestaat.
Het trof me… dat verhaal over deze man, die al in 2023 in Amsterdam, na een val, werd aangetroffen met een grote donkerblauwe shoppertas met voedsel, een portemonnee met 40 euro en een boeddhistisch boek.
Signalement: ‘een verzorgde blanke man van rond de zestig tot zeventig jaar’. Zo teruggebracht tot een paar uiterlijke kenmerken, zoals hij zelf alles terugbrengt tot die twee woorden. De foto toont een man met vrij lang grijs haar, een baard en indringende ogen.
Na drie jaar het politieonderzoek heeft deze man nog steeds geen identiteit.
De artsen hebben ‘afasie’ geconstateerd, die hij heeft overgehouden aan een hersenbloeding, waardoor communiceren amper mogelijk is.
Geen woorden, geen identiteit
Stel je voor… zomaar op klaarlichte dag zak je op straat in elkaar en daarna heb je geen woorden meer. En dus geen identiteit. Wie ben je dan nog?
De foto van de man leverde wel wat namen op. In Amsterdam leken sommigen hem te kennen. ‘Het is Lucky.’ ‘Het is Chris de Canadees.’ ‘Nee, het Lee, Louis, Sonny.’
Een cold Case Team van de Politie kwam erachter dat de man lid was van een boeddhistische gemeenschap in Amsterdam-Oost. Daar kenden ze Chris onder de bijnaam ‘Lucky’.
Zo werkt identiteit ook… wij zijn ook de optelsom van hoe anderen ons zien.

Als je kunt vertellen wie je bent is dat geen decoratie van je identiteit, het IS je identiteit: het narratieve zelf.
Zonder taal geen verhaal, zonder verhaal geen ‘ik’ dat zich aan zichzelf kan voorstellen, dat zelfbesef heeft.
Nonsense en definitely zijn voor de man de laatste twee bouwstenen van een taal die gewist is.
Boeddhisme
En dan dat lidmaatschap van die boeddhistische gemeenschap…
Was hij, als beoefenaar van het loslaten, beter voorbereid op dit lot dan wie dan ook? Of is dat vooral een gedachte die zíjn lot voor óns dragelijker maakt?
Heeft hij - met zijn val - de ultieme staat van ego-loosheid bereikt, die het Boeddhisme voorstaat? Is dit de staat van ‘niet-zelf’, oftewel Anatta?
De man is deze ‘verlichte’ staat niet gegund, hij is erin gevallen.
Wat blijft erover als de identiteit wegvalt?
Kennelijk is de levende aanwezigheid van iemand ook memorabel. Mensen die hem nog kennen van Soep en Zo, anderen die hem ooit begroetten als ‘Lucky’… Kennelijk is er iets dat blijft bestaan, een herinnering aan een wezen; ook zonder taal, zonder naam.
Intussen bouwen wij wanhopig door aan reputatie en identiteit, kiezen namen, performen een verhaal over onszelf. Posten ons wezenloos op Social Media om te bewijzen dat wij bestaan en dat we ertoe doen.
Deze man kan het niet meer.
Waar of niet waar?
Deze levende, kwetsbare man heeft geen invloed op hoe hij wordt beschreven of op hoe hij wordt gekend. Maar wellicht weet hij beter wie hij is dan de gemiddelde mens die zich hopeloos heeft verstrikt in loze woorden en borstklopperij.
De man die niet kan vertellen wie hij is, heeft maar twee woorden nodig:
Definitely. Nonsense.
MB





