Asielzoekers... de Smekelingen van vandaag
Een pijnlijke spiegel uit de oudheid
Asielzoekers zijn van alle tijden. Sinds mensenheugenis dwalen mensen en volkeren over de aardbol op zoek naar een beter leven, vaak vluchtend voor oorlog en geweld. De vermenging van culturen is zo oud als de wereld en noodzakelijk voor onze evolutie.
Volgens Teilhard de Chardin evolueert de mensheid onvermijdelijk naar één grote, verenigde wereldgemeenschap. Hij noemde dit de noösfeer: een wereldwijde laag van bewustzijn en denken die de aarde omgeeft.
M.a.w... dat we ‘mengen’ is de bedoeling en helpt ons als mensheid vooruit.
Maar ja zover zijn we nog niet.
De Smekelingen
Ik dook weer even in de mythologie, op zoek naar een verhaal over vluchtelingen in de oudheid en kwam uit bij de tragedie van Aeschylos.
Hij schreef De Smekelingen meer dan 2500 jaar geleden en vertelt daarin over vijftig jonge vrouwen, die op de vlucht zijn voor een gedwongen huwelijk en aan een vreemde koning, asiel vragen.
Het volk stemt unaniem ja.
Vijfentwintig eeuwen geleden heerste er kennelijk het idee dat het beschermen van de smekelingen vóór alles een religieus-morele plicht was; ouder dan welke wet ook.
Best een contrast met hoe het nu gaat…
Nu staan boze, bezorgde burgers klaar met rookbommen en nazivlaggen, met spandoeken en fluitjes klaar om de ‘smekelingen’ tegen te houden en weg te jagen.
Wat is er misgegaan met dat morele besef in 25 eeuwen?
De tragedie in het kort
De tragedie - De Smekelingen - is het eerste deel van een trilogie (de andere twee delen - De Egyptenaren en De Danaïden zijn verloren gegaan).
De openingsakte
De broers Danaos en Aigyptos zijn afstammelingen van Io, de priesteres die door Zeus werd belaagd en als koe naar Egypte vluchtte.
Danaos heeft vijftig dochters, Aigyptos vijftig zonen. Aigyptos staat erop dat de neven met hun nichten trouwen; een dubbel huwelijk waarmee de twee takken van de familie voor altijd verenigd zijn, maar Danaos en zijn dochters zien dit als een huwelijk onder dwang, en een poging om de erfenis in handen te krijgen.
De Danaïden weigeren. Samen met hun vader vluchten ze, in een schip met vijftig riemen, weg uit Egypte, over de Middellandse Zee, naar Argos, het land van hun voormoeder Io.
Bij aankomst bij de kust van Argos zoeken de vrouwen hun toevlucht bij een altaar gewijd aan de Olympische goden. Ze dragen smekelingentakken, het traditionele teken dat ze zich onder goddelijke bescherming stellen.
Als koning Pelasgos verschijnt, smeken ze hem om asiel.
Pelasgos staat voor een lastige keuze: weigert hij, dan beledigt hij Zeus (vanwege het moreel-religieuze gebod) en haalt zich diens toorn op de hals. Stemt hij toe, dan riskeert hij oorlog met de zonen van Aigyptos.
Wat ik ook doe, het is rampzalig,” verzucht hij in een van de mooiste passages van het stuk.
Dan volgt er een opmerkelijke beweging: Pelasgos wil de beslissing niet alléén te nemen. Hij gaat naar zijn volk en legt het voor aan de vergadering van Argos.
N.B. Dit is een van de vroegste literaire voorbeelden van democratisch overleg, eeuwen voordat de term in zwang kwam.
Het volk stemt unaniem vóór: de vrouwen krijgen asiel!
Dan verschijnt er een Egyptische heraut, die ruw en dreigend optreedt. Hij probeert de vrouwen letterlijk weg te slepen van het altaar. Pelasgos verschijnt op tijd, jaagt hem weg en verklaart dat de vrouwen onder bescherming van Argos staan.
“Zo is’t besluit dat eensgezind door onze stad genomen is en dat wij een vrouwenschaar nooit aan geweld overleveren.
Die spijker staat grondvast genageld en hij zal onwrikbaaar blijven staan.
’t Gaat om geen woorden die op tafelen gegrift of die in een papyrusrol verzegeld staan.
Wat gij hier hoort is klare taal door vrije mond verklankt.
Ruk uit en maak u uit mijn ogen weg!”(vert. Emiel de Waele)
Deze akte eindigt met de Danaïden die de stad binnengaan. Voorlopig zijn ze veilig, maar de oorlog in de verte is voelbaar.
Wat er daarna gebeurt… (uit de verloren delen en latere bronnen)
De dolk
De zonen van Aigyptos komen naar Argos en eisen hun huwelijk op. En op de bruiloftsavond - dit is het beroemde, huiveringwekkende slot van Aeschylus’ tragedie - geeft Danaos zijn dochters allemaal een dolk.
Negenenveertig van hen vermoorden hun bruidegommen in de huwelijksnacht.
Er is overigens één dochter, Hypermnestra, die dat niet kan. Zij spaart haar man Lynceus, misschien omdat ze van hem is gaan houden, ofwel omdat hij haar maagdelijkheid heeft gerespecteerd. Ze weigert en laat daarmee een nog eigenzinniger verzet zien dan het hanteren van de dolk.
De negenenveertig zusters worden in latere (vooral Romeinse) bronnen gestraft in de onderwereld: zij moeten voor eeuwig water scheppen in vaten met gaten erin. Een straf die bij hun ‘misdaad’ past, want het beeld is in feite een omgekeerde bruidsmythe: water dragen voor het bruiloftsbad dat nooit zal komen.
Asielzoekers… de smekelingen van onze tijd
Wat er nu gebeurt - wereldwijd - is iets wat de Grieken vermoedelijk niet voor mogelijk hadden gehouden. De smekelingen van onze tijd - vrouwen en mannen, kinderen, op de vlucht voor oorlog, geweld - worden door woedende burgers bij het hek opgewacht.
Aan welke kant van het altaar – of het hek - gaan we staan?
MB





